Eind februari

We kruipen langzaam richting eind van de winter. Het heeft nu en dan wat gevroren en er is zelfs nog even geschaatst op natuurijs. Laat onverlet dat de afdronk van deze winter voor mij vooral een is van een hele lange herfst. Veel donkere en sombere dagen, zo zal de herinnering zijn. U weet inmiddels wel dat het weerpraatje een favoriet onderdeel is en om er even over te klagen ook. Dat hoort misschien wel meer bij de ” Nederlandse” natuur dan erwtensoep of boerenkool. Boerenkool overigens die aan een opmars is begonnen in de VS zo begreep ik uit berichtgeving vorige week, een groente die daar “kale” heet. Verbasteringen van Nederlandse woorden en dat ze daar goed in zijn wisten we allang.

Zo heetten hele wijken in New York naar Nederlandse steden en dorpen. Harlem is nog wel de makkelijkste want is natuurlijk Haarlem zoals Brooklyn van Breukelen afstamt en Flushing (Flushing Meadow, tennis) van Vlissingen. Die boerenkool dus in het buitenland want hoewel we hoegenaamd geen Nederlandse keuken hebben is er een reeks aan producten die Nederlands, of in ieder geval Lage Landen gerelateerd is. Boerenkool, andijvie, spruiten, witlof en nog een aantal groenten zijn tamelijk geografisch beperkt beschikbaar. Jazeker kennen ze bijvoorbeeld in Zwitserland ook wel andijvie maar wordt het op andere schaal geconsumeerd en geproduceerd. Daar is het veel verfijndere kost en wordt het niet gebruikt voor de stamppot maar voor de Salatschüssel.
Zo hebben wij ons op vakantie in Midden Europa altijd verbaasd over de geringe hoeveelheid snackbars in de verhouding zoals wij die kennen. Geen frikadellen in Insbruck en geen kroketten aan het Gardameer. Ook geen Nederlanders die in een gat in de markt stappen en dat als land van avonturiers zou je dat verwachten. Verder dan de kaas uit Gouda, de tomaten en de bloemen komen we nog niet. Nu weet ik wel dat in Spanje het barst van de frietpaleizen met Nederlandse eigenaren maar toch, ook dat is weer beperkt. Dat is ook maar beperkt natuurlijk want het zijn vooral de vakantiegangers die er gebruik van maken. Het wordt geen traditie zal ik maar zeggen en moet dat dan? Nou voor mij niet want zoals de Engelsen Fish and Chips hebben zo hebben we hier andere dingen en dat onderscheidt is goed. Het is niets zo lekker als na een abstinentie van twee maanden, door werk of vakantie in het buitenland, de eerste frikandel speciaal in je mond te kunnen steken. Hij smaakt dan echt nog veel beter, let maar op. Het verlangen ben je je niet altijd bewust maar het gaat zo met de drop, de pindakaas en de hagelslag, eert mis je het maar het gaat over. Maar als het weer binnen handbereik s dan moet het gebeuren en ven een inhaalslag maken. Nu is de frikandel speciaal misschien wel het meest Nederlands maar wordt het meest buitenlands klaar gemaakt. Is het u ook al opgevallen dat de meeste patatzaken, snackbars zijn overgenomen door Aziatische types die wij vroeger Chinezen zouden hebben genoemd. Nu komen ze uit Hong-Kong, Vietnam en ander landen in de Zuid-Oost hoek van Azië. Dat is nog eens bijzonder en waar deze overnames vandaan komen weet ik niet maar er zal vast een goede reden voor zijn waarom de frituurcultuur van Nederland wordt overgenomen door anderen. Wie het weet mag het zeggen.